Als je zelf schrikt

Het gebeurt nogal eens dat ouders van hooggevoelige kinderen met een sterke wil schrikken van de acties van hun kind.

Hooggevoelige kinderen met een sterke wil zijn enorm ondernemend, creatief, vindingrijk en zien in alles mogelijkheden. Dit zijn grote kwaliteiten van deze kinderen.


De mogelijke gevaren/ nadelen die hun acties met zich meebrengen, kennen ze nog niet.

Jij, als ouder, daarentegen ziet het alweer gebeuren en kan hiervan schrikken.

Jouw schrikreactie kan als een reflex een boze reactie geven naar jouw kind.

Je schreeuwt bijvoorbeeld ineens keihard: NEE, niet doen.






Een voorbeeld:

Jouw kind is nietsvermoedend lekker aan het spelen met slijm op haar kamer. Het slijm voelt zo heerlijk in de handen en heeft ook van die leuke kleuren. Jouw kind denkt: hoe zou het zijn als ik de slijm op de muur plak met mijn hand? Of nog leuker: als ik een slijmafdruk van mijn hand op de muur maak. Of een slijmafdruk op mijn bed? Of op de kast?

Jij hoort weinig geluid en denkt dat jouw kind lekker rustig aan het spelen is op haar kamer. Wanneer je even gaat kijken hoe ze aan het spelen is, kom je de kamer binnen en zie je overal het slijm zitten. Je schrikt ervan, want je denkt: ohnee, niet overal dat slijm, dat is zo moeilijk ervan af te halen.

Vervolgens reageer je boos richting jouw kind: Nee hè, hoe kun je dit nou doen? Dat slijm is helemaal niet bedoeld om op de muur of je bed te doen? Dit krijg je er nooit meer vanaf.

Jouw kind keek eerst vol trots naar de slijm afdrukken, maar schrikt ook van jouw reactie en barst in huilen uit.


Een voorbeeld:

Jouw kind is lekker in de woonkamer aan het spelen. Hij speelt dat hij een piraat is en moet allerlei piraten verslaan. Hij verbouwt de kamer tot een waar piratenschip, een hut om in te schuilen en een uitkijktoren om de piraten aan te zien komen.

Jij hoort jouw kind in zijn fantasie allerlei 'piratengeluiden' maken en denkt dat hij lekker in zijn spel bezig is.

Wanneer je in de woonkamer komt, zie je jouw kind op de kast staan (lees; in de uitkijktoren). Jij weet dat die kast niet helemaal stabiel is en ziet de bui al hangen dat alle spullen straks op de grond liggen omdat hij heen en weer rent om "piraten te signaleren".

Je schrikt dat hij op de kast staat en ziet alle gevaren al voor je: straks valt hij, straks vallen de spullen van de kast etc.

Je reageert door op een boze toon te reageren: Niet doen, nu van die kast af! Dit moet je niet doen. Speel toch eens normaal!

Jouw kind kijkt je aan, wordt boos en schreeuwt: ik mag ook nooit iets van jou! Altijd als ik even wil spelen, mag het niet van jou stomme mama!

Nu word je helemaal boos en schreeuwt dat hij naar zijn kamer moet.


In beide gevallen zie je dat het kind nietsvermoedend lekker aan het spelen is. Het slijm is heerlijk, werkt ook deels ontspannend omdat je lekker aan de het slijm kunt voelen.

In het 2e voorbeeld zie je dat het kind helemaal opgaat in zijn fantasie. Hij ziet het helemaal voor zich en heeft ook allerlei ideeën/ oplossingen om de piraten op tijd te signaleren.

Doordat ze zo fijn aan het spelen zijn en hier ook heel erg lol in kunnen hebben, zijn ze ook ontspannen. Ze hebben nog niet het besef dat hun spel mogelijke gevaren/ nadelen met zich mee kan brengen.


Wanneer jij vervolgens op een boze toon reageert, hebben ze wel in de gaten dat het niet de bedoeling is, maar zijn ze vooral teleurgesteld.

In het ene voorbeeld zie je dat de teleurstelling eindigt in een huilbui. In het tweede voorbeeld zie je dat het kind de teleurstelling laat zien door brutaal te doen.

Als ouder is het soms lastig om niet direct te reageren, want je ziet de bui al hangen.

Maar als je het bekijkt vanuit het kind, is hij/ zij heel onschuldig aan het spelen.

Als ouder kun je vervolgens kijken: "is het nu echt zo erg?" of "is het nu echt zo gevaarlijk op dit moment". Met name het stukje "op dit moment' is dan belangrijk.

Want hij staat al op die kast. En ja, dat kan gevaarlijk zijn.

Het helpt als je eerst zelf kan kijken wat er gebeurt, dat benoemt en vervolgens hem gaat erkennen. Dat kun je op deze manier doen:

1. Je ziet dat hij op de kast staat

2. Je benoemt: hé je staat op de kast.

3. Erkenning kan zijn: je bent lekker in jouw fantasie aan het spelen hè?


Grote kans dat jouw kind blij roept: inderdaad, maar kijk uit mam, er komen zo piraten aan.

Dan kun jij op een vrolijke toon reageren: oke, dank voor je hulp lieverd. Wil jij me hier beneden helpen met piraten zoeken? Ik heb echt jouw hulp nodig. Vervolgens kun je terloops noemen dat hij liever niet op de kast gaat staan, maar hij vast wel iets anders kan verzinnen om als uitkijk toren te maken.


Zo voorkom je een strijd/ conflict én benoem je de kwaliteit van het kind (namelijk: de fantasie van het spel en zijn vindingrijkheid om iets anders te verzinnen voor de uitkijktoren).


Lieve groet,


Nicole Lagerberg











30 weergaven

Recente blogposts

Alles weergeven

Spanning